maandag 6 februari 2012

 

Het Slakkengangvogeltje.

 

 

De vogeltjes komen vlug, vlug, vlug,

vlug naar de pinda’s

die aan een draadje hangen.

Pin, pin, pin,

da, da, da.

De vogels pikken

in de pinda’s

pik, pik, pik.

Ze eten alles op, pik,

en vliegen daarna vlug weg.

Geen enkel pindaatje

hangt meer aan het draadje !

Alleen de Slakkengangvogel komt nog.

Die gaat zo langzaam,

zo langzaam. Die vogel

is altijd te laat

en is nooit eens de eerste.

 

Nu is er voor hem geen pinda meer,

geen pin, pin, pin,

en geen da, da, da.

Arm Slakkengangvogeltje!

Het fluit langzaam en laag en droevig en

traag vliegt het weg.

Weg, weg, weg.

Zijn vleugels gaan maar langzaam

op en neer. Geen pinda meer,

geen pin, pin, pin.

Geen da, da, da.

 

En nu komt hij weer te laat thuis.

Altijd, altijd en overal is hij te laat,

dat Slakkengangvogeltje.

 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten