zaterdag 21 mei 2011

 

 

Een warme middag

Een dode larf van een libel in de groene vijver.

Een zaadpluisje van een paardebloem daalt langzaam

naar het water. De vissen verroeren geen vin.

Ze hebben geen zin om wat dan ook te doen.

Hebben vissen ooit dorst? Misschien blieven ze

geen warm water. Of ze van drinken te moe.

Er zijn  wel een paar mugjes

die om elkaar heen dansen. Planten zuchten van de hitte.

De inktpaarse iris met de tong uit zijn bek

zucht heel anders als de viooltjes met hun kleine keeltjes.

De pioenbloem laat plots met een ademstoot

een van zijn donkerrode blaadjes vallen.

Dat zou je wel moedeloosheid kunnen noemen.

In de lucht die niet echt blauw is hangt heel stil

een witte wolk. Waar wacht hij toch op?