woensdag 26 januari 2011

Morgen Gedichtendag

 

 

ER IS ALTIJD WEL IEMAND

 

 

Er is altijd wel iemand

aan wie u de weg kunt vragen.

Er is altijd wel iemand.

U komt met de fiets(?).

 

Er is altijd wel iemand

die de deur open maakt,

en het licht aandoet.

 

Er is allicht wel iemand,

er zijn zo’n tweehonderd

uitnodigingen de deur uitgedaan.

Dat is niet weinig.

 

Er is altijd wel iemand

die hoest of niest of praat,

zijn plaats niet kent,

er staan  trouwens klapstoelen

tegen de achterwand.

 

Er is altijd wel iemand

die grinnekt

om zichzelf

op het verkeerde ogenblik.

 

Er is altijd wel iemand

die zich niet goed voelt,

wiens maag opspeelt

vooral na de pauze.

Er is alleen koffie overigens.

en een kannetje water voor u.

 

Er is altijd wel iemand

die een vraag stelt,

een wat zure jonge vrouw

die warmte en liefde tekort komt,

je ziet het meteen aan haar kleding,

een man met papieren, pen , geblokt colbertje,

het type leraar, hand in de zij,

stukjes leer in de mouwen,

zijn vraag schiet elk antwoord faliekant voorbij.

 

Er is altijd wel iemand

Die naar de bekende weg vraagt

of die denkt: waar gaat dit over?

Er is altijd wel iemand

die niet vindt wat u vindt.

Anderhalf  uur is meer dan genoeg.

 

Maakt u zich geen zorgen,

er is altijd wel iemand

die op de tijd let,

die naar zijn horloge wijst,

er mee schudt,

het tegen het oor houdt,

het goed zet, niet het oor, het horloge,

er met zijn nagel op tikt,

niet op het oor, op het horloge,

of het zo nodig stiekem laat piepen, het horloge

niet het oor.

 

Er is altijd wel iemand

die zegt: nu is het mooi geweest.

 

 

 

 

 

 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen