maandag 6 december 2010

ZOALS ALTIJD

 

We stonden op, zoals altijd.

We aten brood met smeerkaas en hagelslag, zoals altijd.

En een half appeltje.

We fietsten naar school.

Zoals altijd. Daar had je

Adje zoals altijd en Aleid

en Xandra en Kim die we Koekje noemen.

Ze heeft een muts die op een koekje lijkt.

En Nella Nella kwam te laat zoals altijd.

Haar vader is weg. Hij is naar Koeweit.

We kregen taakjes en aten droge kaakjes

want Katrientje was jarig.

Er is altijd wel iemand jarig, geloof ik,

er gaat geen dag voorbij.

We gingen hard zingen voor de musical en we tekenden

vliegende monsters en raketten, de lucht vol

oranje vlammen, zoals altijd. Ik zat niet stil

en de poot van mijn stoel brak af.

We moesten lachen, maar het deed wel pijn.

Dat is je straf, zei juf. Ik heb altijd wel zoiets. De zoemer ging

en we gingen naar huis en we aten een chocoladetoetje

en dan spaghetti met tomatensaus en dan weer een toetje.

En we keken TV zoals altijd. Een programma over insecten

En daarna een voetbalwedstrijd. De eerste helft.

En we gingen om half elf naar bed. We sliepen meteen.

En wat we droomden heb ik net verteld.

 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen