zondag 26 april 2009

Water

Op 25 april vond in Wissekerke een poëziemiddag plaats. Een aantal dichters was gevraagd om in het kader van de Maerlant Poëzieprijs hun gedichten voor te lezen. Er waren uiteenlopende gedichten te horen, maar ze gingen allemaal om de een of andere manier over water, want dat was het thema. Zo was er een gedicht over een watertoren, een gedicht over zwemles, een gedicht over Noach en zijn ark, een zwaarmoedig gedicht over een verdronken stad  ( van David Troch uit Vlaanderen) en een gedicht  van Anja Kopmels in het Zeeuws: Zilverste vis. Het had een soort refrein: Zilverste vis/ joe wil ik vange/zilverste vis.  Een vijftal dichters was genomineerd voor een prijs.  Als beste gedicht werd het gedicht Zee, van Hans Dingemanse aangemerkt. Het is een ernstig gedicht waarin de zee met een moeder werd vergeleken. Het begon zo:
 
Wie zei er dat de zee
een moeder was?
 
Die keer dat we haar
voor het laatst bezochten
bezochten we nadien
de zee
 
ze hadden veel gemeen
zachtheid bijvoorbeeld
grijsheid, uitgebreidheid
 
en zelfs de lieve schijn-
bewegingen om onze
troosteloosheid heen
 
(...)
 
Dit gedicht wordt , samen met een aantal andere, met zorg uitgekozen gedichten opgenomen in een bundel die de Stichting Kunstspoor Noord- Beveland binnenkort uitbrengt. 
 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten